Voortgaan

maart 26, 2007

Voortgaan is één van die thema’s die me sinds mijn eerste stappen op het Boeddhistische pad recht in mijn hart /geest troffen. Het greep me aan toen ik voor het eerst las hoe de Boeddha, toen nog Prins Siddharta, zijn familie en zijn comfortabele leventje achter zich liet omdat hij had gezien hoe onbevredigend het leven is, hoe niets vast staat en hoe we allemaal ooit zullen ziek zijn, oud worden en dood gaan. Hij was opgegroeid in een beschermde omgeving, waarin zijn vader hard zijn best deed om het hem zo aangenaam mogelijk te maken. Op een dag maakte hij een tochtje rond de stad en zag voor het eerst een oude man, een zieke man, een lijk en een spirituele zwerver. Waarschijnlijk had hij voorheen wel zieke en oude mensen gezien, maar op dat moment zag hij het voor het eerst. Ik herken dat wel vanuit mijn eigen ervaring, die momenten waarop ik plots iets doorheb of iets echt zie. Misschien fiets je jaar in jaar uit dezelfde weg en op een dag zie je plots een huis, een boom of een ander opvallend iets en je zou gezworen hebben dat dat er niet was de dag voorheen. Alleen, huizen worden niet gebouwd in één nacht en bomen groeien niet in 24 uur… In het midden van de nacht sloop hij weg uit het paleis op zoek naar de Werkelijkheid. Wat betekent dat voor degenen die in de Boeddha zijn voetspoor treden? Voortgaan betekent een groep achter je laten, jezelf los maken en op zoek gaan naar je eigen identiteit. De Boeddha verliet de groep ‘s nachts en niemand merkte het op. Wanneer je je los maakt van een groep ziet de groep je eigenlijk niet vertrekken omdat ze de persoon die weggaat niet écht zien. Ze zien een dochter, een partner, een collega of welke rol dan ook vertrekken maar niet de persoon zelf. Iedereen die de leer van de Boeddha toepast, zal vroeg of laat moeten voortgaan. Soms is dat fysiek, soms emotioneel, soms heel drastisch, soms heel geleidelijk. Voor mij is het behoorlijk drastisch gegaan. Ik zag dat bepaalde delen in mijn leven niet in lijn waren met mijn waarden en besloot daar wat aan te doen. Ik ben naar Engeland verhuisd om te wonen en werken met andere Boeddhisten, om mijn beoefening te delen en te verdiepen. Mijn moeder zag enkel haar dochter vertrekken, de mensen op mijn werk enkel hun collega, vrienden enkel hun vriendin. Het was zeker niet makkelijk om de stap te zetten en hoewel mijn hart er wel voor het grootste deel achter zat, merk ik nu, anderhalf jaar later, hoe ik vele beslissingen heb genomen vanuit de rational mode en hoe, met tussenpozen, ik mijn hart moet bijbenen. Soms bedenk ik dat het zoiets is als een zeebodem verschuiving. Aan de oppervlakte lijkt er op het eerste moment niets te gebeuren, dan komt er een enorme golf die alles overspoelt en dan lijkt het weer rustig. Maar in de diepte is er vanalles gaande. Alle leven diep onder het wateroppervlak zoekt naar een nieuw evenwicht en het duurt een hele tijd voor de rust ook daar is teruggekeerd. Het is een proces van integratie en van meer en meer mezelf worden. Hoewel ik nu veel meer met mensen ben en veel meer deel, lijkt juist dat ertoe bij te dragen om meer een individual te worden.  Voor mij is het voortgaan een proces, steeds op een dieper niveau voortgaan.  Regelmatig begin ik door mijn spullen te gaan en vraag ik me af waarom ik in hemelsnaam de moeite nam om ze naar hier te verhuizen. Ik kan ze nu makkelijk loslaten, maar een jaar geleden kon ik dat blijkbaar nog niet.  Maar het is natuurlijk niet alleen voortgaan van fysieke dingen. Voortgaan van mijn gewoontes is meestal veel moeilijker omdat ze veel dieper in mijn wezen zijn geworteld. Het is soms ook heel beangstigend. Ik merk dat ik soms helemaal niet wil voortgaan, dat ik geen individual wil worden. Soms wil ik gewoon samen met mijn vrienden voor Toevlucht gaan. Maar in the end moet ik het alleen doen. Deze morgen toen ik zat te ontbijten dacht ik over hoe groot de impact van die ene beslissing is op mijn leven.  Hoe anders mijn leven is, maar ook hoe het opnieuw condities zijn. Goed, het zijn andere condities en hopelijk ondersteunen ze mijn beoefening, maar het zijn condities. En dus zal ik ze ook moeten achterlaten op een bepaald moment, een nieuw voortgaan. But not quite yet…

Mieke

 (Mieke is een mitra uit Gent die sinds anderhalf jaar in een VWBO-community in Cambridge woont en daar werkt in een boeddhistische context, meer bepaald bij Windhorse)


De blinde man en de schildpad

maart 25, 2007

 (Op donderdag  22 maart was er de mitraceremonie van Riet in het Gentse centrum. Dit schreef ze naar aanleiding daarvan:)

Dertien jaar geleden zag er na een ingrijpend en ontgoochelend telefoonberichtje mijn bestaan en de toekomst er allesbehalve rooskleurig uit. Ik wou mijn man Hugo en mijn kinderen niet het slachtoffer maken van een programmafout in mijn DNA.Zo wou ik op zoek naar informatie over mijn ziekte.  Het is vroeg in de voormiddag en mijn lichaam is een wrak, maar toch met veel moeite lukt het me voetje voor voetje op stap te gaan. Ik zou er uren over doen, maar wat maakt het uit, deze dag is nog lang.Mijn eerste informatie-adres levert niets op maar toen … in een boekhandel vind ik het boek van een dokter. Ik herken mij helemaal in wat er in dit boek is neergeschreven. Blij dat ik terug naar huis kan, maar eerst wil ik nog de stadsbibliotheek bezoeken en zo heb ik nog een héél eind te stappen. Totaal uitgeput bereik ik het Zuid. Centimeter per centimeter schuif ik vooruit en zie hoe snel de wereld aan mij voorbijvliegt. Mensen zijn druk aan ’t winkelen of stappen haastig naar bus- of tramhalte. Plots zie ik aan de overkant een akelig tafereel. Een blinde man zoekt tevergeefs zijn weg in een chaos van fietsen aan de bib. “Mensen, mensen zie dan toch”, maar nee, ieder loopt aan hem voorbij. Ó wat duurt het lang met mijn schildpadstapjes naar de overkant!Seconden leken wel uren, …. eindelijk bereik ik de blinde man. Ik reik hem mijn arm en leid hem naar binnen Het is een vrolijke man en hij vraagt me wat ik voor mijn beroep doe. Al pratend bereiken we de vierde verdieping en vertel hem dat ik momenteel mijn beroep niet meer uitoefen maar niet waarom dat zo is. Aan de balie nemen we afscheid. Ik geef hem over aan de zorg van de dienstdoende vrouw. Moe maar intens gelukkig dat ik deze man heb kunnen helpen ga ik eindelijk naar huis. Voor het eerst voel ik zuiver wat Metta Bhavana betekent. Dit gevoel geeft me een dimensie meer omdat de man niet kon zien hoe ziek ik ben en bedenk hierbij wanneer dit nog mogelijk is dan kan ik tóch nog nuttig zijn. Na mijn uitstap lig ik maanden in mijn ligstoel of te bed maar niet zonder doel. Via het boek kom ik in contact met de auteurdokter in Nederland. Toeval of niet, hij is geruime tijd praktiserend boeddhist en een uitstekende dokter. Door hem leer ik geleidelijk aan mijn lichaam te aanvaarden en er goed naar te luisteren. Samen krijgen we stap voor stap de ziekte onder controle. Een collega-vriend komt mij ter hulp. Hij heeft diverse retraites in Frankrijk meegemaakt bij Sogyal Rinpoche en is al vele jaren aan het mediteren. Zo leer ik mijn eerste mantra (Vajrasattva mantra) en verdiep me in meditatie. Ik krijg voeling met mijn boeddhanatuur en lees steeds meer over de dharma.Doch, …. ik achtte het niet voor mogelijk maar een aantal jaren terug kregen we grote onenigheid. Dit leidde tot een breuk in onze spirituele ontmoetingen. Het was niet zozeer de discussie doch de manier waarop hij tekeer ging dat me sterk ontgoochelde. Is het dat wat de Dharma ons brengt, vraag ik me af? Opeens denk ik aan de woorden van de Boeddha, “vertrouw niet op de leraar, vertrouw op de Dharma”. Met dit voor ogen besluit ik me niet te laten ontmoedigen door die éne man.Door die ervaring waren mijn gevoelens voor die man een tijdje geblokkeerd, maar geleidelijk aan kwam tijdens mijn meditaties mijn aandacht voor hem terug. Ik zag hoe hij voor een stuk gevangen zat in zijn gezichtsveld en verankerd in een paar patronen. Ik besefte hierbij hoe belangrijk het is ook naar mijn eigen automatismen te kijken en daaraan ruimte en aandacht te geven tijdens de meditatie en te proberen elk moment van de dag daarvoor alert te zijn zodat ik  niet verstrengeld geraak in mijn eigen routinegewoontjes. Want dit is ook loslaten. Mijn zorg voor hem gaat vooral uit naar de wens dat hij ook dit inzicht mag ervaren en vooral gelukkig zijn en nooit vrij zijn van de oorzaken van geluk. Misschien ontmoeten we elkaar ooit nog terug en kunnen we elk vanuit een ander gezichtsveld naar elkaar kijken. Dat zou pas mooi zijn. En indien dit niet mogelijk is zal ik hem tijdens mijn meditaties blijven metta geven, want laat me vooral niet vergeten dat ik door hem het pad heb ontdekt en dat hij mede aan de basis ligt van mijn boeddhistisch leven en dat de Vajrasattva mantra die ik van hem heb gekregen voor mij een grote hulp is geweest in mijn zuivering en het aanvaarden van mijn ziekte en het leren loslaten van alle frustraties in verband hiermee. Boeddhistische literatuur helpt me verder en ik blijf regelmatig mediteren. Als je lange tijd alleen het pad bewandelt, blijf je wel eens steken.  Nood aan hulp ga ik op zoek naar een leraar.En zo kom ik hier bij jullie terecht.Ik ontmoet hier niet één leraar, maar “vele”!Ik krijg van jullie vriendelijkheid, zorgzaamheid, liefde, regelmatig een stevige knuffel, humor en een lach. Tijdens de theeklets ontdek ik zoveel persoonlijkheden, lieve mensen die mijn creativiteit terug wakker maken en zoveel meer. De dharma wordt duidelijk en op een spontane manier gebracht. De meditatieruimte is mooi en het Boeddhabeeld prachtig. Wat wil ik nog meer? In deze Sangha voel ik me thuis. Bruno, ik was zeer ontroerd tijdens jouw Mitra-plechtigheid en ik voelde mijn vertrouwen groeien om ook Mitra te worden. Met deze ceremonie leg(de) ik bewust en oprecht mijn gelofte af aan de Drie Juwelen (de Boeddha, de Dharma en de Sangha). Mijn hart gaat uit naar deze Sangha en ik voel mij nu volledig thuis in mijn boeddhanatuur.Ik heb nog veel te leren en nog een lange weg te gaan. Maar ook een schildpad komt ooit eens aan! Graag wil ik dit verhaal sluiten met twee Gatha’s van Thich Nhat Hanh: 

Ik adem in en kom tot rust.Ik adem uit en glimlach.Thuisgekomen in het nu,wordt dit moment een wonder!  

Met lichaam spraak en geest in volmaakte eenheidzend ik mijn hart mee met de klank van de bel.Laat wie dit hoort uit onachtzaamheid ontwakenen alle angst en verdriet overstijgen.  

Lieve mensen dankjewel allemaal! Riet